DORPSGRAPPEN ZE BESTAAN NIET MEER...
Dorpsgrappen met een vleugje nostalgie en
een flinke scheut kattenkwaad
In deze moderne tijden zijn “dorpsgrappen” ongeveer even zeldzaam geworden als een telefoon met draaischijf. Zelfs in onze charmante, landelijke dorpen – waar de tijd zogezegd stil blijft staan – is het collectief uithalen van onschuldige streken zo goed als uitgestorven. Iedereen heeft tegenwoordig wifi, maar blijkbaar geen tijd meer voor wat gezonde zottigheid.
Gelukkig is er één dapper dorp dat weigert zich neer te leggen bij deze saaie evolutie: Rijkevorsel. Daar wordt elk jaar, netjes volgens planning, de “georganiseerde diefstal” gehouden in de nacht van 30 april op 1 mei. Jawel, u leest het goed: diefstal… maar dan met een knipoog.
Alles wat niet vastgeschroefd, te zwaar of te gênant is om terug te eisen, wordt liefdevol “geleend” uit voortuinen. Tuinkabouters, fietsen, bloempotten en af en toe een verdwaalde barbecue verdwijnen geruisloos richting het verzamelpunt aan de kerk. De volgende ochtend staan de brave dorpsbewoners daar hun eigendom terug te zoeken, alsof het een soort openlucht-rommelmarkt is waar je enkel je eigen spullen mag meenemen.
Omdat niet iedereen het verschil ziet tussen folklore en opportunisme, heeft de gemeente intussen een politiereglement opgesteld. Blijkbaar zijn er mensen van buiten het dorp die dachten: “Gratis spullen? Dat is voor mij!” – en dat was nu nét niet de bedoeling. In Rijkevorsel heet deze traditie trouwens “Poortje Pik”, wat al aangeeft dat subtiliteit niet de sterkste kant is van dit evenement.
Maar dé kroon op de dorpsgrappen gaat zonder twijfel naar Vlierzele, ergens in de jaren ’50. Destijds stond het dorp bekend als een soort niet officieel afvalparadijs, (zoals in vele gemeenten) waar alles wat men niet meer nodig had, vrolijk in een put of gracht belandde. Ecologie was toen nog iets voor toekomstmuziek.
Tot de gemeente plots met een revolutionair idee kwam: vuilnisophaling! De inwoners waren lichtjes in shock. Afval… ophalen? Georganiseerd? Wat een tijden!
En toen sloegen enkele creatieve geesten toe.
Gewapend met een kopie van de officiële gemeentebrief en een flinke dosis humor, knutselden ze hun eigen versie in elkaar. In deze “aangepaste” omzendbrief werd aangekondigd dat de gemeente – hou u vast – glazen flessen zou ophalen. En niet zomaar: propere flessen waren 1 frank waard, vuile slechts een halve. Dat was genoeg om het dorp collectief in actie te krijgen.
Plots verschenen er briefjes aan voordeuren: “HIER ZIJN GLAZEN FLESSEN”. Mensen begonnen fanatiek te verzamelen, te schrobben en te sorteren. Flessen werden behandeld alsof het goudstaven waren. Keukens draaiden overuren, en menig Vlierzelenaar werd plots expert in flessenhygiëne.
Alsof het nog niet absurd genoeg was, kwam er zelfs een televisieploeg van VRT-ECHO langs om deze “baanbrekende inzamelactie” te filmen. Het dorp voelde zich wereldberoemd… al wisten ze nog niet waarom.
De grote ophaaldag? 1 april.
En het mooiste van alles: bijna niemand had het door. Integendeel, tot ’s avonds laat stonden mensen nog driftig flessen te poetsen, in de hoop hun fortuin bij elkaar te sparen.
Conclusie: vroeger hadden we geen smartphones, maar wel een fantastisch gevoel voor humor. Misschien tijd om dat erfgoed opnieuw van onder het stof te halen…
HDK